dinsdag 4 januari 2022

Terugblik op 2021

 


In deze eerste week van 2022 wil ik toch nog even op het vorige jaar (op geheel persoonlijk vlak) terugblikken. 

Eerder had ik er geen tijd voor; na ruim een maand tussen allerlei kersterige gezelligheid geleefd te hebben (ik was geheel tegen mijn gewoonte in er al vroeg bij) was ik al die versierselen zat en moest er opgeruimd worden. Maar nu staan de dozen weer op zolder en kan ik, met behulp van mijn dagboekje en foto’s op mijn iPhone, wat herinneringen ophalen. 

 

In januari begon ik met yoga. Ik had behoefte aan iets wat het hardlopen aanvulde en ook aan rust in mijn hoofd. Op YouTube (nee, geen klasje, dat is niks voor mij) vond ik een heel inspirerend kanaal: Yoga with Adrienne. Haar motto is “Find What Feels Good”. Dat vond ik een mooi thema voor het nieuwe jaar. Inmiddels is een les van Adrienne een (bijna) dagelijks ritueel.  



Februari
 begon met sneeuw. Heel veel sneeuw. Sneeuw die helaas niet genoeg pakte voor een sneeuwpop maar wel glad genoeg was om als een kind op mijn achterste te vallen. (Geen foto van 😜 )Daarnaast was het een maand waarin ik de ene dag in mijn warmste hardloopoutfit liep en waarin een week later een shirt met korte mouwen al bijna te warm was. 

 

In maart kreeg ik mijn eerste vaccinatie. Ook mailde ik mijn inmiddels ex-collega’s dat ik zou stoppen met werken. Van de vele reacties die vrijwel meteen binnenkwamen kan ik nu nog steeds blij worden. 



En toen kwam
 april, mijn laatste werkmaand. Helaas geen afsluiting met gewone werkzaamheden en mensen die hun eigen leesvoer uitzoeken maar met tafels voor klaargemaakte boekenpakketten, schermen tussen ons en onze klanten in en aangepaste openingstijden. Het afscheid dat ik kreeg, geen “moeilijk” moment maar een gezellige en warme week, maakte dat meer dan goed. 



Mei
: mijn eerste maand als pre-pensionada. En o, wat was dat heerlijk! Peter had samen met buurman M. hard gewerkt om de nieuwe tuinafscheiding op tijd af te krijgen en er “moesten” nieuwe planten komen. Het was niet een helemaal regenvrije maand maar op de droge dagen was ik bijna alleen maar in de tuin te vinden. Met in mijn handen aarde, een verfkwast of een boek. 

 

In juni hadden Peter en ik onze challenge om een maand lang vegetarisch te eten achter de rug. Dit was zo goed bevallen dat we besloten om vlees uit ons menu te schrappen. Niet omdat het goedkoper zou zijn (dat is het niet) of om af te vallen (daar is wat meer voor nodig) maar omdat het gezonder en duurzamer is om (meer) planten te eten. En ook omdat we tijdens die 30-dagen-zonder-vlees zoveel nieuwe en lekkere gerechten hadden ontdekt. (Vis eten we nog wel want geen sushi.... 😱 ) 



Ondanks dat
 juli een regenachtige maand was, sprongen die paar zonnige dagen er met kop en schouders bovenuit. Ik heb over de hei gewandeld met een ex-collega, wijntjes gedronken op een terrasje met een voormalige vrijwilliger die nu een goede kennis is geworden, door Arnhem gestruind met een lieve vriendin en, ook in eigen tuin, elk droog momentje goed benut. 



Augustus: de maand van de meeste dagjes uit. Met een andere lieve vriendin, met mijn zusjes en natuurlijk met Peter. Samen hebben we allerlei Hanzesteden (her-)ontdekt. Ik wist het allang maar toch: wat is Nederland toch mooi! En fotogeniek! 
En op de laatste dag van augustus was er natuurlijk mijn tandemsprong ðŸ˜„ 



In
 september kwam ik geheel toevallig een oud-buurmeisje tegen. We hadden elkaar al heel lang niet meer gezien en hadden gelukkig beiden tijd (en heel veel zin) om uitgebreid herinneringen op te halen en bij te praten. Wat kan de tijd dan omvliegen op een terrasje in de zon. 
In september ben ik ook (eerste klas!) gaan treinen naar een vriendin in Den Bosch en aansluitend een nicht een dorp verderop.  

Uitgebreid de tijd hebben voor dergelijke uitjes en sociale contacten: één van de vele dingen op mijn pensioen-want-to-do-lijst waar ik me zo op verheugd had.  

 

Ondanks dat ik mijn verjaardag nooit echt (als in uitgebreid en met veel mensen) vier en ondanks dat ik inmiddels al 64 ben, blijft oktober iets speciaals houden. Dat de kaarten met de jaren app’jes geworden zijn verandert daar niks aan. Ik krijg nog steeds extra knuffels van mijn jongens, bezoek van mijn zusjes, een verjaardagsetentje (sushi!) en mijn favoriete cadeau: een dagje uit. Dit jaar was dat naar Haarlem, inclusief het mooie Frans Hals-museum. 



In
 november maakte ik samen met Peter een vogelhuisje. Het oude viel al bijna uit elkaar en een ander punt op eerdergenoemde want-to-do-lijst was “met gereedschap klussen”. Een boor- en schroefmachine had ik al vaker gebruikt maar het was de eerste keer dat ik een decoupeerzaag in mijn handen had. Met paars-gelakte nagels, dat dan weer wel.  

December pakte iets anders uit dan gepland. In plaats van gezellige kerstetentjes voor drie werden het maaltijden voor twee en een blad met schaaltjes naar boven. Zoonlief was namelijk de avond voor kerst uit Parijs thuisgekomen en bleek een onwelkom Frans souvenirtje bij zich te hebben. Het werd dus quarantaine voor drie. Gelukkig was hij er niet al te ziek van en zijn Peter en ik onbesmet gebleven. Dat laatste vind ik nog steeds een wonder aangezien het bijna onmogelijk is om contact te vermijden als je in één huis woont. Hoogstwaarschijnlijk hadden de boosterprikken, die we de week ervoor gekregen hadden, gedaan wat ze moesten doen.  

December had beter gekund maar is uiteindelijk toch goed geëindigd. 



Aldus 2021.
 
Het jaar waarin ik stopte met werken en niet alleen de tijd had maar ook inderdaad kon nemen om de dingen te doen waar ik mij goed bij voel.

Een jaar met, in ieder geval voor mij, weer heel veel lieve en leuke mensen en met meer dan genoeg mooie dagen en momenten om de moeilijke, de verdrietige van een milde waas te voorzien. 

 

 


donderdag 23 december 2021

Ik wens je....


Ik wens je 

 

Positieve gedachten, een negatieve test 

Tintelende vrieskou en een warm vest 

Een vol hart, een zo plat mogelijke buik (tenzij met een baby’tje gevuld) 

Veel liefde, vertrouwen, hoop en ook geduld 

 

Leuke dingen om naar uit te kijken 

Lichtpuntjes als de dagen donker lijken

Meer tranen van het lachen dan van verdriet

En dat je nooit met mate geniet  

 

Een leuk persoon en de juiste conditie om mee te wandelen 

Haar dat zich ook zonder knipbeurt goed laat behandelen 

Een stabiel internet en een nog betere gezondheid

Zin in de komende dag en zo min mogelijk spijt


 

Ik wens je ook

 

Vrolijke liedjes om keihard mee te zingen 

Kopers op marktplaats die eens niét afdingen 

Plannen en afspraken die wél door kunnen gaan 

En dat je mensen ondanks hun mondkapje goed kan verstaan 

 

Lieve vrienden, begripvolle familieleden, aardige mensen naast en op je pad 

Steun als je het even he-le-maal hebt gehad 

Ontroerende films, mooie muziek, verrassende boeken 

Eindelijk terugvinden wat je al zo lang liep te zoeken 

 

Het lef om nieuwe dingen aan te gaan 

En oude te dumpen die alleen maar in de weg staan 

Aandacht om te krijgen en vooral te geven 

Dat die afgeschreven planten toch blijken te leven 


 

En ik wens je 

 

Een (eindelijk) opgeruimde zolder, dito mailbox, een opgeruimd hoofd 

Iemand die onvoorwaardelijk in je gelooft 

Een onverwacht cadeautje, een knuffel van je lief 

En, voor de boomers onder jullie ons, misschien een ouderwets handgeschreven brief? 

 

Mooie verhalen om te vertellen 

Mensen die “mijn” niet als “me” spellen 

Sterke koffie, warme thee, een goed glas wijn 

Aan het eind van iets een staartje zonder venijn 

 

Onbreekbare kerstballen en oliebollen zonder calorieën 

Onverslijtbare humor en soepele knieën 

Halfvolle glazen en weinig beren op de weg 

Goede buren aan de andere kant van je heg 

 

 

Dit zijn slechts een paar (nou ja, paar...) wensen die spontaan bij mij bovendrijven 

Ik wens je alle goeds en ook dat er altijd wat te wensen zal overblijven 

Ik wens je gelukkige kerstdagen en een mooi nieuwjaar 

Zorg goed voor jezelf en wees lief voor elkaar 






zondag 5 december 2021

Nog lang maar ook gelukkig?


Er was eens een gewoon vrouwtje. Een gewoon, nuchter vrouwtje met een lichte fascinatie voor sprookjes. 

Op een goede dag zat zij te peinzen over het zinnetje "En zij leefden nog lang en gelukkig". Ondanks dat het vrouwtje zelf al lang en gelukkig met haar lange man leefde en zij ook nog een handjevol andere paren kende dat het na jaren nog steeds leuk samen hadden, wist zij dat lang-en-gelukkig-levende-stellen niet in de meerderheid waren. 

"Hoe zou dat met die sprookjesfiguren zijn?" vroeg zij zich af. 

En omdat het gewone, nuchtere vrouwtje van nature een nieuwsgierige belangstellende geest had, pakte zij haar dikke sprookjesboek uit de kast, stopte zij een flesje wijn in haar tas, deed haar slippertjes uit en stapte vervolgens voorzichtig in het boek. 

 

In het sprookjesbos aangekomen zocht het gewone vrouwtje meteen haar goede vriendin Belle op. Belle en zij hadden elkaar ooit in, hoe kan het ook anders, een bibliotheek leren kennen.  

“Van Bel weet ik in ieder geval dat zij nog steeds gelukkig is met haar Beest en al hun boeken,” dacht het vrouwtje. “Bovendien kent zij iedereen en weet zij van alle laatste roddels, eh, nieuwtjes.” Dat klopte. 

 

Belle was blij haar vriendin weer eens te zien en na het openen van de fles wijn en de gebruikelijke uitwisseling van onlangs gelezen boeken kwam het gesprek op de andere bewoners van het sprookjesbos en hun wel en wee. 

 

“Nou, met Roos gaat het ook prima. Dat huwelijk met die prins die toevallig langskwam heeft niet lang geduurd. Hij zei dat zij erg snurkte en zij werd daar erg stekelig van. Ik zou ook geen vent willen die mij niet lekker laat slapen, maar dat terzijde. Voor haar rozentuin heeft ze een hoveniersbedrijf ingehuurd en verder is ze, zoals ze zelf zegt, een happy single. Ja, Roos is een uitgeslapen tante!” 

 

Het gewone vrouwtje knikte instemmend. 

 

“En dan Sneeuwwitje. Je wist dat zij en die prins een latrelatie hadden? Na zo lang met zeven anderen samengewoond te hebben, was zij toe aan een plek voor zichzelf. Alleen is die liefde nu voorbij. Haar ex kreeg een relatie met één van de dwergen, tja, dat zag niemand aankomen, en daarna heeft zij zich op de biologische fruitteelt gestort. Je weet wel: met onbespoten appels en zo.” 

 

Nee, dat had het vrouwtje ook niet zien aankomen en zij nam nog een slok van haar wijn. 

 

“Wie hebben we nog meer? Ach ja, Rapunzel. Met Rap gaat het steeds meer de goede kant op. Haar man en zij hebben hun penthouse goed kunnen verkopen en zijn daarna naar een bungalow verhuisd. Nu alles gelijkvloers is, gaat het een stuk beter met haar hoogtevrees. Ze heeft toen ook haar haar laten knippen.

O, en Klein Duimpje, die overigens aan de groeihormonen is, en Grietje zijn voorzichtig aan het daten, het schijnt dat Vrouw Holle hen gekoppeld heeft.” 

 

Daar hieven het gewone vrouwtje en Belle hun glas maar eens op. 

 

“Over Assepoes maken we ons wel wat zorgen. Haar petemoei is niet meer de oude sinds die keer dat zij over haar toverstaf gestruikeld is en daarbij haar heup had gebroken. As is nu fulltime mantelzorger voor de oude vrouw en ze doet het met liefde maar het sloopt haar ook. Van haar prins heeft ze weinig hulp, die is druk met dat koninkrijk van zijn vader.

Roodkapje heeft haar lange tijd geholpen maar nu die zelf grootmoeder is geworden is zij zó druk met haar kleinkinderen. Ach, ik snap ook wel dat zij die kleintjes geen moment alleen wil laten zo in het bos. Met dat jeugdtrauma van haar...” 

 

Dat snapte het vrouwtje natuurlijk ook. 

 

“Dat dus allemaal. Op zich gaat het zo goed als maar kan. We maken er het beste van met ons allen.

Had ik je al verteld dat we een nieuwe buurvrouw hebben? De prins van het kasteel hier verderop is eindelijk gescheiden. Die vrouw van hem was ook zo’n zeurpiet; hypergevoelig noemde zij zichzelf, nou dan weet je het wel. Nu woont hij samen met een echt leuke, no-nonsens meid. Laatst zei ze nog dat ze het niet eens zou merken als er een hele pót erwten onder haar matras lag zolang hij er maar op lag!” 

 

Het gewone, nuchtere vrouwtje (dat overigens niet meer zo nuchter was) kreeg spontaan de hik van het lachen. Toen waren de wijn en de nieuwtjes op en was het de hoogste tijd om weer naar haar lange man te gaan. 

Met een boek uit Belle’s bibliotheek onder haar arm, een tas vol onbespoten(!) appels van Sneeuwwitje en een bos rozen uit de tuin van Roos stond ze wat wankel op. Maar ondanks haar licht benevelde toestand dwarrelde er nog een laatste prangende vraag in haar op: 

 

“Welke dwerg, Bel? Voor welke dwerg is Sneeuwwitjes prins gevallen?” 


"Tot de volgende keer, gewoon, niet meer nuchter vrouwtje!" glimlachte Bel plagerig.

 



donderdag 11 november 2021

Niks doen


 

We hadden elkaar al zeker een jaar niet meer gezien maar via-via had hij gehoord dat ik niet meer bij de bieb werkte. Daar was hij nogal verbaasd over. Hij had van mij, immers “nog zo actief” (zijn woorden), niet verwacht dat ik voortijdig met pensioen zou gaan.


“Wat doe je dan nu zo’n hele dag?” 

 

Inmiddels ben ik alweer ruim een half jaar met prepensioen en het aantal keren dat ik die vraag (in verschillende variaties, “verveel je je niet?” is er ook zo eentje) heb gekregen kan ik niet meer op twee handen tellen. Mijn antwoord laat ik meestal afhangen van wie de vraagsteller is. 

 

Tegenover mensen die nog volop in het werkproces zitten houd ik het wat bescheiden. Ik wil natuurlijk niemand de ogen uitsteken. Dan noem ik dingen als “wat meer met vrienden kunnen afspreken” en “nu aan klussen toekomen”.  

Bij mensen die binnenkort ook gaan stoppen of dit zwaar overwegen kan mijn antwoord in een wervingscampagne voor prepensioen. 

En wanneer ik een mede-pensionada voor mij heb ga ik helemaal los. Zeker als het ook zo’n enthousiast blij ei is. We trekken er dan nog net geen fles bij open. 

  

De man die vond dat ik “nog te actief” was om nu al mijn biebjasje aan de wilgen te hangen kreeg het “nu aan klussen toekomen”-antwoord en dan ook nog de uitgebreide versie. Niet omdat ik mijn kennelijke imago van actief persoon wilde versterken maar vooral vanwege de formulering van zijn vraag: “Wat doe je dan nu zo’n hele dag?” 

Alsof ik mijn dagen maar wat aan het verlummelen ben, alsof ik maar wat deed! 

Ik had niet moeten reageren, ik had wat sarcastisch als “Bankhangen natuurlijk!” moeten zeggen, maar ik ben de beroerdste niet en mijn pensionada-status doet geweldige dingen met mijn humeur. Ik gaf dus wel geduldig antwoord. 

 

Ik noemde (en overdreef een beetje) alles wat ik allemaal al gedaan had.  

Van kasten die nu lekker uitgemest en opgeruimd zijn tot een bijgewerkte administratie (voornamelijk van recepten maar dat heb ik er niet bij gezegd, dat zou minder indruk gemaakt hebben dacht ik zo) tot álle klusjes in voor- én achtertuin en het (bijna) dagelijks wandelen. 

 

“Zo! Steek dat maar in je zak met je wat-doe-je-dan-nu-zo’n-hele-dag!” 

Ik zei het nog net niet hardop (vanwege dat goede humeur dus), in plaats daarvan vroeg ik hoe het met hem was. 

“En jij? Jij werkt nog, begrijp ik. Ga jij binnenkort ook stoppen?” 

 

En wat dacht je dat zijn reactie was? Zijn reactie op mijn zeer uitgebreide antwoord waar hij vanwege zijn pruttige vraagstelling eigenlijk geen enkel recht op had? 

 

“Stoppen? O nee!” zei hij. 

“Ik ben nog lang niet aan dat niks-doen toe,” zei hij. 

 

Dát niks-doen. 

 

Sommige mensen zou je toch echt..... een leuker leven gunnen. 

En een veel korter antwoord.

 


woensdag 1 september 2021

Mijn tandemsprong!

 


“De piloot vliegt ons naar zo’n drie, vier kilometer hoogte, dan gaat de deur open en schuiven we naar de rand. En als we dan op die rand zitten, pak je de banden van je harnas, leun je met je achterhoofd rechts tegen mijn schouder en buig je je benen naar achter onder het vliegtuig. Dan zet ik af en dan gaan we.”  

Dat is toch een instructie om natte handen van te krijgen, een maag die gaat buitelen en een hoofd dat “Waar is de uitgang?!” schreeuwt. Maar nog voelde ik geen spoortje van nervositeit, ik was alleen maar nog meer ready to go, ready to jump. Ik snap nog steeds niet wat er met mij aan de hand was - ik ben normaal heel goed in ergens de zenuwen van krijgen en ik ben niet gauw bang maar beslist geen durfal - maar vanaf het ogenblik van het boeken van de tandemsprong tot en met het landen was er geen moment van angst. Wel heel veel momenten van opwinding en steeds meer ongeduld. 

 

Misschien had ik al mijn zenuwen eerder die ochtend al opgebruikt. De weercheck die ik een paar uur voor de sprong moest doen gaf steeds aan dat de bewolking langer bleef hangen dan verwacht en dat er dus (nog?) niet gesprongen kon worden. Het advies was om even contact op te nemen.

“Sorry, het is nog te bewolkt.”  

O nee! Nee toch! 

En daarna moest ik nog iets later, vlak voor vertrek naar het vliegveld in Teuge, nóg eens bellen...

“Ja! Het kan! Kom maar deze kant op!” 

Yes - Yes - YES!!  

Ik ben dansend van pret en opluchting met het zweet nog op mijn rug bij Peter in de auto gestapt. 

 

En dan nu mijn verslag aan de hand van foto’s. De foto’s zijn gemaakt door Peter, door Geertje (vriendin en samen met Karlijn, die er tot haar en mijn grote teleurstelling niet bij kon zijn, verantwoordelijk voor het inzamelen van het geld voor dit cadeau - Peter heeft hen dit na mijn landing vergeven) en door de cameraman die ik extra geboekt had. 

Geertje was een fijne steun voor bloednerveuze Peter en Karlijn heeft via FaceTime half Teuge bij elkaar gegild van enthousiasme-op-afstand.


Hieronder zie je de hal waar de overalls en harnassen aangetrokken konden worden en de instructies gegeven werden. De pijpen van mijn overall waren natuurlijk veel te lang en het ijzerwerk van het harnas weegt behoorlijk wat maar who care’s? Ik niet! 



Op naar het vliegtuig en mijn ongeduldige karakteristieke houding “Heren! Komt er nog wat van?” 



Of ik wist waar ik aan begon? Nee, niet echt maar o, wat had ik er zin in! 

En toen ging de deur open. Weet je hoe “ongewoon” het voelt om in een vliegtuig met de deur open te zitten? Héél ongewoon! 

Op de onderste foto had tandemmaster Sam (zittend achter mij) mijn harnas al zo stevig aan het zijne vastgeklikt dat ik me afvroeg waarom ik die ochtend nog de moeite had genomen om een beha aan te trekken.

 


Ruim drie kilometer hoog is erg hoog. Maar ook zo mooi met al die wolken. Zeer ervaren springer Sam: “Hoe vaak ik dit ook zie, elke keer voelt het alsof het een andere wereld is.” 




En toen was het zover. Geen terugkeer mogelijk. Alsof ik dat wou! 

Voor degenen die denken dat ik op dit punt toch wel bang geweest moet zijn: zie dat blije hoofd dan.



Een vrije val die zo’n 45 seconden duurde en met een snelheid van 200 kilometer per uur ging. Dat is onvoorstelbaar snel. Ken je de uitdrukking die men wel gebruikt als het behoorlijk stormt: “Ik waaide bijna uit mijn ondergoed!”? Als ik niet zo’n goed dichtgeritste overall aan had gehad, was dat misschien wel echt gebeurd. 



Op de video is te zien hoe eh... lenig mijn wangen zijn. Ze vertonen ook het ultieme bewijs dat ik geen botox gebruik. Misschien had ik dat wel moeten doen. Peter, Geertje en Karlijn (die via FaceTime ook de video met ons meekeek) hebben zich rot gelachen.
Ik was verbijsterd. Nee! Ben ik zó vereeuwigd op beeld? Dit is voorbij lelijk, dit is èng. Dat doet 200 km/uur kennelijk... 
Voor de volledigheid deel ik deze foto (één van de minst erge) toch. 
Je hoeft niet in te zoomen, hè! Focus maar op onze houding en de wolken. 



Nou vooruit, nog twee foto’s in de serie “Echt Niet Charmant!” Er mag gelachen worden. Laten we het erop houden dat ik niet alleen lenige wangen maar ook lenige benen heb. 

Als de parachute opengaat, geeft dat een beste klap. Niet van het whiplash-niveau maar wel alsof er een stoel onder je uit getrokken wordt. Zonder de klap op de grond gelukkig. 



Toen begon het grootste genieten: het glijden door de lucht. Dit gevoel is bijna niet in woorden te vangen. Denk aan een vogel die met de vleugels wijd in stilte rondzweeft.  

Dit was zo, zó genieten! 



De landing kwam natuurlijk veel te snel. Die pakweg vijf minuten glijden en zweven hadden minstens dubbel zo lang mogen duren.

De grond kwam eraan, mijn benen moesten omhoog en recht vooruit en voor ik er erg in had gleden we over het gras. Als kinderen op een slee. Alleen dan zonder slee en zonder sneeuw. Maar wel net zo gladjes. 



O, wat was ik trots en blij! En ik ben het nog steeds. Het stuiteren van de adrenaline is wel zo’n beetje voorbij maar als ik de beelden en de foto’s weer terugkijk, dan kriebelt het weer.  




Hmmm, als ik er hier de link naar het paracentrum bijzet, zou ik als bedankje voor de reclame dan nog een keertje mogen? Ik waag het erop 😉

Skydive Teuge, voor een echt onvergetelijke ervaring!

 

 

 

 

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...