vrijdag 28 juli 2017

Bekaf en Boink


Met een harde “BOINK!” sloeg de voordeur door een windvlaag dicht. Terwijl ik aan de verkeerde, want geen sleutel bij me, kant stond.
“Oh... shit...”
Peter, die voor de gezelligheid met mij meegelopen was toen ik nog even een paar planten in de voortuin water aan het geven was, keek verbaasd op maar begreep het meteen: “Oh... shit...” Hij had ook geen sleutel bij zich.

Jezelf buitensluiten, jezelf met z’n tweeën buitensluiten, is altijd ongemakkelijk. Gisteren was "ongemakkelijk" een zwaar understatement want:
a. de buren die een reservesleutel hebben waren met vakantie,
b. mijn zusje die een reservesleutel heeft woont niet meer om de hoek,
c. ik was net bekaf thuisgekomen van een vierde dag op rij hard werken in verband met de verhuizing van het filiaal waarin ik werk.


Eigenlijk had ik punt c. als eerste moeten noemen, dat was namelijk het zwaarst wegende punt. We hebben niet ver met ons filiaal moeten verhuizen. We zijn van net buiten het winkelcentrum naar er precies middenin gegaan maar ik heb het hier wel over een bibliotheek en dus over boeken. Heel veel boeken. Boeken die, na het in- en weer uitpakken, op de juiste plekken in de juiste kasten gezet moesten worden.
Voor het in- en uitpakken was een verhuisbedrijf ingeschakeld en, echt, ze hebben heel goed werk geleverd: petje af. Met aanwijzingen en, af en toe, bijtijds ingrijpen van onze kant zijn de boeken ook in de juiste kasten terecht gekomen. Met de juiste plekken daarentegen... daar waren (en zijn nog) wij druk mee.

Met die juiste plekken, de boeken en met nog heel veel meer zaken. Wij (mijn directe collega A., collega’s van facilitair en ICT, een zeer betrokken vrijwilliger, andere collega’s, de onvermoeibare schoonmaakster en niet te vergeten de directeur herself die zeer geregeld en echt niet alleen voor peptalks langs kwam) hebben geleerd dat het begrip "deadline" op meerdere manier uitgelegd kan worden, evenals de term "oplevering".
We zijn verrast door leveranciers die materialen kwamen leveren waarvan we niet wisten dat die besteld waren en door leveranciers die “Hmmm, ja sorry, we gaan het net niet op tijd redden.” zeiden. Hoewel verrast... we hebben vrij vlot geleerd om in zulke gevallen zuchtend onze schouders op te halen en een plan B of zelfs C te bedenken.
Rijden met steekkarren en hondjes: piece of cake.
Schuiven met stoelen, tafeltjes en kasten: tuurlijk!
Zesennegentig keer ons werk onderbreken omdat iemand "even" een vraag heeft: ach ja, vooruit maar. (Zeker omdat we dat geplande werk toch niet konden doen omdat er bijvoorbeeld nog een elektricien bezig bleek en er daarna ook nog wat geschilderd moest worden.)


Natuurlijk was het niet alleen maar kommer en kwel. Zeker niet. Daarbij: ooit een verhuizing meegemaakt die vlekkeloos verliep?
Onze nieuwe werkplek ziet er, ondanks de paar i’s die nog op puntjes wachten, nu al heel mooi uit. De aanmoedigingen en complimenten van klanten en andere voorbijgangers waren stevige riemen onder onze harten.
We hebben als een goed team gesjouwd, gelachen, gemopperd, oplossingen bedacht, geïmproviseerd, gezocht, gevonden, gepoetst en foto's gemaakt. We hebben zo goed mogelijk en zo hard mogelijk gewerkt. We hebben sámengewerkt.
Sommigen zijn nog steeds aan het werk. (Ik wens bij deze vooral mijn collega van ICT heel veel sterkte en vooral succes! Please allemaal, duim uit alle macht met ons mee dat zij ons bibliotheeksysteem op tijd werkend krijgt!)


Gisteren, aan het eind van dag vier waren collega A. en ik het zat. Toen we als laatsten onze nieuwe bibliotheek verlieten, hadden we alles (en nog een beetje boel meer) gedaan wat, in onze ogen, nodig was om volgende week open te kunnen. Het was hoog tijd voor een time-out. Na het weekend gaan we weer verder, alleen nu even niet meer.
Ik fietste naar huis, wilde alleen nog maar een koud drankje en met mijn voeten omhoog, was benieuwd wat voor lekkers Peter nu weer zou koken, zag echter dat de hortensia’s bij de voordeur een plens water konden gebruiken, pakte daarom eerst maar een gieter en.....

“BOINK!”

“Oh... shit...”

Of ik niet ontzettend moest huilen, vroeg een vriendin later. Nee. Misschien was ik er wel te moe voor. Ik was zeker te moe om mij door Peter over de schutting bij de achtertuin te laten tillen. Toch kon ik er wel om grinniken, zo samen met Peet, èn ik kon een paar plussen bedenken:
a. gelukkig was ik voor ik de bieb afsloot nog gauw even naar de wc geweest,
b. ik heb geen sleutel maar wel mijn telefoon bij me, ik kan dus mijn helaas-niet-meer-om-de-hoek-wonende zusje bellen die nog steeds een reservesleutel heeft,
c. het zonnetje schijnt en op de tegels in de voortuin is het ook prima zitten. Zeker als je heeeeel moe bent. Heel erg bekaf maar in de wetenschap dat je zusje er elk moment aan kan komen. Met de sleutel.




zondag 23 juli 2017

Mop


Ik ken iemand die zó slecht is in het vertellen van moppen,


Nou, dan komt er dus zo’n man in het café, hè. Met zijn vrouw. Of nee, zijn vriendin!

Hij komt dus met z’n vrouw, vriendin in die bar... Café! En dat meisje is dus veel jonger dan hij en ze is zwanger en dan vraagt hij...

Wacht... Nee! Het was bij de huisarts! Hèhèhèhè....


en met "zó slecht" bedoel ik: zó ab-so-luut waardeloos,


Komt dus die man met zijn zwangere vrouw bij de huisarts. Vriendin! Zwangere vriendin van achttien.

En dan vraagt die man. Aan die huisarts... Eh.... Nou ja, hij stelt dus een vraag...

Maar toen zei de huisarts... De huisarts zei toen, tegen die man dus, ook iets.... eh...
iets héél érg grappigs!


dat ik al vóór het eind van zijn verhaal helemaal dubbel lig van het lachen!



woensdag 12 juli 2017

Voorleesontbijtjes


Ruim dertig jaar geleden: jongste zat nog veilig in mijn buik en oudste was een peuter van nog geen drie en al dol op samen boekjes lezen.
Onze ochtenden begonnen aan de rode, ronde speeltafel in zijn kamer. Op kleine stoeltjes gezeten aten wij daar, nog lekker in onze badjassen, het door Peter klaargemaakte ontbijt: in vieren gesneden boterhammen met hagelslag, niet elk een bordje maar met ons drietjes vanaf één bord. Bekers thee erbij. Tijdens het eten las ik dan voor uit “Ik en jij spelen wij”, “Wiele wiele stap” en “Stappe stappe step”.

“hagelslag hagelregen
als jij eens een hapje nam?
onder al dat dikke lekkers
woont ook nog een boterham”

Als ik aan deze tijd terug denk, voel ik nog dat warme peuterlijfje op mijn schoot en danst het ritme van de rijmpjes weer door mijn hoofd.  We hebben samen ook andere boekjes gelezen maar deze hoorden bij het ontbijt.
Oh, die kleine handjes die door de boekjes bladerden en dat vingertje dat dan weer een versje aanwees.... en nog één... en nog één...

“stap
op de trap
stap stap
twee
nog een tree
naar boven
gaat vlugger
dan naar benee”

Gisteren las ik dat Miep Diekmann is overleden. Zij heeft veel meer geschreven en, echt, ik doe haar beslist tekort om nu alleen deze boekjes te noemen. Ik hoop daarom dat ik dat meer dan goedmaak door hier te delen hoe zij, al ruim voor haar dood, voor gezellige voorleesontbijtjes heeft gezorgd.

Gisteren voelde ruim dertig jaar geleden even als echt pas gisteren. Mooi toch, als je zoiets na kan laten.




zondag 2 juli 2017

Mijn vijf jaren-boekjes


Wat zou je redden uit een brand?

Welke vervelende gewoonte wil je afleren?

Wat doe je het liefst op zaterdagmorgen?

Vriendin J. en ik zaten samen heerlijk onderuit op loungebanken op een terrasje langs de Rijn in Arnhem. Het was een zonnige dag, we hadden elk een lekker drankje en heel veel plezier. Kort tevoren had ik het boekje “Een vraag per dag” gekocht en al bladerend las ik wat vragen voor. Wij verrasten elkaar maar vaak ook onszelf met onze, dankzij de zon en ook wel onze consumpties, spontane antwoorden. Ons gelach moet op sommige momenten aan de overkant van de rivier te horen zijn geweest.

Wat is jouw geheime passie?

Wat ligt er in jouw koelkast?

Welk nieuw woord heb je onlangs geleerd?

Het is een bijzonder boekje. Er staan 365 vragen in, voor elke dag dus eentje, en het is de bedoeling dat je elke dag jouw antwoord in de ruimte eronder schrijft. Als je dit vijf jaar volhoudt, er staan vijf vakjes onder elke vraag, heb je een uniek beeld van hoe je smaken, ideeën, meningen maar ook je zorgen en voornemens veranderd zijn. Of juist hetzelfde zijn gebleven.

Een klein jaar geleden vond ik in een boekhandel een vijf jaren-dagboek: “Een zin per dag”. Het is een andere versie van dat vragenboekje. Hierin is op elke pagina ruimte om vijf jaar lang in één zin (vakje) je dag te beschrijven.
Ik viel voor dit concept omdat ik het altijd jammer heb gevonden dat het me nooit gelukt is om een dagboek bij te houden. Niet langer dan een maand of twee tenminste. Eén van de belangrijkste redenen waarom ik het niet lang volhield was omdat ik er eindeloze verhalen in schreef. In dit boekje is daar geen ruimte voor; ik moet daarom wel kort en bondig zijn. En als ik nu een dag oversla, word ik door een lege pagina aangestaard. Daarom schrijf ik “al” een klein jaar trouw en heb ik zo mijn record van die amper twee maanden ruim gebroken. Het is nu al leuk om terug te lezen wat mij “toen” bezighield, waar ik boos over was of blij of verdrietig, waar ik mij zorgen over maakte en hoe bepaalde “grote” problemen inmiddels kleintjes zijn geworden of zelfs niet meer bestaan. Het is soms naast leuk ook geruststellend.

Over welk onderwerp wil je het niet meer hebben?

Wie is jouw rolmodel?

Wanneer zat je voor het laatst op een roze wolk?

Ik hoop van harte.... nee! Ik gá mijn uiterste best doen om het schrijven in deze boekjes zeker vijf jaar vol te houden. Het dagboekje houd ik voor mijzelf maar het vragenboekje deel ik met mijn omgeving. Geregeld stel ik er een vraag uit en dat levert dan grappige en vaak verrassende gesprekjes op.

Die middag aan de Rijn hebben J. en ik dúbbel gelegen om de vraag “Waar word je ongelukkig van?”. Je zou misschien trieste voorbeelden verwachten maar er schoten ons telkens andere dingen te binnen waar we absoluut niet tegen kunnen en dat die dingen steeds absurder werden lag vast (ook) aan, ik noemde het al eerder, de zon en onze consumpties.

Welke groente eet je het liefst?

Welk advies zou je een kind van acht jaar geven?

Waar zie je jezelf over vijf jaar?

Graag op een fijne plek, lezend in mijn boekjes, met een grote glimlach op mijn gezicht.








maandag 26 juni 2017

Tien centimeter


Ik zeg altijd dat ik 1.60 meter ben maar in werkelijkheid meet ik maar 1.59. Wat is nu een centimeter zou je denken. Nou, voor mijn gevoel en idee best veel. 1.60 is al niet veel maar 1.59 klinkt zo écht klein... Daar is geen hoge hak (als ik daar al op zou kunnen lopen - niet dus) tegen opgewassen.
Vanaf het moment dat ik gestopt ben met groeien (in de lengte, de breedte is een andere frustratie) is het mijn grote (hah), niet te vervullen wens om tien centimeter groter te zijn. Preciezer: om tien centimeter langere benen te hebben. Want met tien centimeter langere benen zou ik:

- in een menigte niet meer alleen maar ruggen voor mij hebben maar dan zou ik ook over schouders heen kunnen kijken en daarom geen aanval van claustrofobie meer krijgen (ergste geval) of tenminste op tijd weten dat ik naar iets probeer te kijken wat ik helemaal niet wil zien (ook wel erg geval),

- geloofd in plaats van uitgelachen worden als ik zeg dat ik op basketbal heb gezeten,

- een broek of een rok of een jurk kunnen kopen zonder dat er een flink stuk (die tien missende centimeters dus) van de zoom af moet,

- als de volwassen vrouw die ik toch ben op een stoel kunnen zitten in plaats van als een kind met bengelende benen,

- een wat betere verhouding tussen mijn gewicht en mijn lengte hebben ;)

- in een supermarkt gewoon overal bij kunnen en niet meer op de rand van het onderste schap hoeven staan (zo stevig zijn die dingen niet, geloof me!),

- tijdens het ramenlappen geen water meer in mijn mouw krijgen, ondanks dat ik een opstapje gebruik,

- tijdens het pinnen niet meer op mijn tenen hoeven te staan,

- gewoon, lekker nonchalant, op een barkruk kunnen plaatsnemen in plaats van.... nou ja, je ziet het waarschijnlijk al voor je :p

- en vooral nu, na een weekend muren sauzen en kozijnen afplakken waarbij ik veel vaker dan mijn langere zusjes en nog veel langere echtgenoot huishoudtrap op - huishoudtrap af moest gaan, niet zo’n %&$@#spierpijn in mijn te korte benen hebben!!

Ik weet het: er zijn veel-véél belangrijker, grotere (daar gaan we weer) problemen in de wereld maar die spierpijn....

Auw!





Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...